Muts breien voor beginners

2 Nodig Voor 1 rammelaar, circa 19 cm excl. oren Merinowol (100% scheerwol, 160 m/50 g), bv. Cool Wool van Lana Grossa, 50 g in wit, 50 g in licht rozenhout, 50 g in poederroze, 50 g in camel, restje in mokka Belletje voor de rammelaar Haaknaald 2,5 mm 10 g vulling Naai en doorsteeknaald Schaar Werkbeschrijving hazenrammelaar Maak de rammelaar en de kop door in spiraal te haken met vaste steken. Toer 1: in camel, haak 7v in een magische ring. Toer 2: haak 2v in elke vaste (14). Toer 3: haak 2v in elke 2e vaste (21). Toer 4: haak 2v in elke 3e vaste(28). Toer 5: haak vasten (28). Toer 6: in poederroze, haak vasten (28). Toer 7: in camel, sla de 1e steek over (27). Toer 8: in wit, haak vasten (27). Toer 9: in camel, sla de 1e steek over (26). Toer 10: in licht rozenhout, haak vasten (26). Toer 11: in camel, sla de 1e steek over (25). Toer 12: in wit, haak vasten (25). Toer 13: in camel, sla de 1e steek over (24). Toer 1437: herhaal toer 613 3x (12). Knip alle draden af, behalve camel. Doe vulling in de hals. Toer 38: in camel, haak 2v in elke vaste (24). Toer 39: haak 2v in elke 3e vaste (32). Toer 40: haak 2v in elke 4e vaste (40). Toer 41: haak 2v in elke 5e vaste (48). Toer 4251: haak vasten (48). Toer 52: sla elke 6e steek over (40). Toer 53: sla elke 5e steek over (32). Toer 54: sla elke 4e steek over (24). Doe de vulling samen met het belletje in de kop. Toer 55: sla elke 3e steek over (16). Toer 56: sla elke 2e steek over (8). Toer 57: sla elke 2e steek over (4). Knip de draad af. Oren Maak voor de oren 2 voor en 2 achterkanten. Haak voor de voorkant 20l in wit en werk met vasten in rijen verder. Toer 1: keerlosse en 20v (20). Toer 2: keerlosse en 19v (19). Knip de draad af. Toer 3: haak in poederroze een rand van vasten rondom, begin aan de zijkant en haak 3v in de punt. Knip de draad af. Haak de achterkant op dezelfde manier, maar volledig in camel. Leg nu telkens een voor en achterkant op elkaar en haak de zijkanten met camel en vasten samen. Haak hierbij in de punt telkens 2v in 2 steken. Keer aan het einde met 1 keerlosse. Haak in de rij terug opnieuw vasten, en weer in de punt 2v in 2 steken. Knip de draad af. Snoetje Toer 1: in rozenhout, haak 6v in een magische ring (6). Toer 2: haak 2v in elke 2e vaste (9). Knip de draad af. Toer 3: in wit, haak 2v in elke 3e vaste (12). Knip de draad af. Toer 4: in camel, haak 2v in elke 4e vaste (15). Knip de draad af. Laat hier een lange draad hangen. Afwerking Naai het snoetje met de restdraad aan de kop en doe er vóór de laatste steek wat vulling in. Naai de oren vast. Maak ogen, neusje en mond in mokka. Knoop een klein strikje aan een oor. Doe een vrolijk belletje in het kopje van de haas

Muts breien voor beginners

Nodig Voor 1 knuffeldoekje, 17×17 cm Merinowol (100% scheerwol, 160 m/50 g), bv. Cool Wool van Lana Grossa, 50 g in wit, 50 g in poederroze, restje in grijsbruin Haaknaald 2,5 mm 10 g vulling Naai en doorsteeknaald Schaar Werkbeschrijving kattenknuffeldoekje Haak 35l in roze en werk verder in rijen met vaste steken. Begin elke nieuwe rij met 1 keerlosse. Ga verder tot je een vierkant hebt. Knip de roze draad af. Haak met wit een rand van vasten rond het afgewerkte vierkant, haak hierbij in elke hoek 3v. Knip de draad af. Kattenkop Maak de kop door in een spiraal te haken met vaste steken. Toer 1: in wit, haak 7v in een magische ring. Toer 2: 2v in elke vaste (14) Toer 3: haak 2v in elke 2e vaste (21). Toer 4: haak 2v in elke 3e vaste (28). Toer 5: haak 2v in elke 4e vaste (35). Toer 6: haak 2v in elke 5e vaste (42). Toer 7: haak 2v in elke 6e vaste (49). Toer 816: haak vasten (49). Toer 17: sla elke 7e steek over (42). Toer 18: sla elke 6e steek over (35). Toer 19: sla elke 5e steek over (28). Toer 20: sla elke 4e steek over (21). Doe vulling in de kop. Toer 21: sla elke 3e steek over (14). Toer 22: sla elke 2e steek over (7). Toer 23: sla elke 2e steek over (4). Haal de draad door de steken en knip hem af. Zo gemaakt: een poeslief knuffeldoekje Oren Haak beide oren rechtstreeks aan de kop met 4 steken afstand van elkaar en in rijen. Toer 1: haak 5v in roze. Toer 2: keerlosse en 5v (5). Toer 3: sla de 1e steek over, 4v (4). Toer 4: sla de 1e steek over, 3v (3). Toer 5: sla de 1e steek over, 2v (2). Toer 6: sla de 1e steek over, 1v (1). Knip de draad af. Haak met wit een rand van vasten rond de oren en haak hierbij bovenaan in de punt 2v. Snoetje Haak 4l in wit. Haak dan eerst vasten in rijen, daarna in spiralen. Toer 1: 1 keerlosse, haak dan 4v, verdubbel hierbij de laatste steek (5). Toer 2: haak aan de andere kant van de opzetketting vasten terug en verdubbel opnieuw de laatste steek (10s over beide kanten van de opzetketting). Toer 3: haak vasten rondom en haak 2v in elke 2e steek (15). Toer 4: haak vasten (15). Knip de draad af. Afwerking Werk alle draaduiteinden weg. Doe vulling in het snoetje en naai het op de kattenkop. Borduur er met grijsbruin garen oogjes op, en met roze garen een neusje. Maak met 3 steekjes in grijsbruin een bekje en trek voor de snorharen een dubbele draad in roze en grijsbruin door het snoetje. Knoop ze aan beide kanten vast, knip af op ca. 1 cm en rafel wat uit. Naai de kattenkop op een hoek van het doekje